Ben je nog op zoek naar een prachtige (weekend)uitstap? Voor kaartadepten is recent een nieuw mekka geopend: het Mercatormuseum in Sint-Niklaas. Via honderden kaarten, atlassen en globes struin je er door het leven van de wereldvermaarde Wase cartograaf Gerard Mercator en reis je grenzeloos over de volledige (geprojecteerde) wereld. Een echte aanrader!
We interviewden de curator van het Mercatormuseum voor de Reiskrant van maart 2026. Naast dit interview vind je in die Reiskrant nog reportages over Georgië, South Georgia, Marokko en de Golf van Napels.
Van eeuwenoude - door Mercator met de hand vervaardigde - globes, over de grootste atlas ter wereld en een kokosstokjeskaart die de stromingen rond de Marshalleilanden visualiseert, tot een kaartprojectie van je eigen hoofd. In het MAP - Mercatormuseum, dat afgelopen december de deuren opende, oriënteer je je door tijd en ruimte. Een van de vaandeldragers van het museum, is Ward Bohé, die de drie C’s belichaamt: curator, conservator en zelf een cartofiel in hart en nieren.
Hoe hebben jullie deze uitzonderlijke collectie kaarten kunnen vergaren en hedendaags tentoonstellen, Ward?
“Dat verhaal begint al in 1512, toen Gerard Mercator als bij toeval geboren werd in Rupelmonde. Zijn ouders waren politieke en economische vluchtelingen uit het wankele Gangelt-aan-de-Rijn. Mercator heeft de helft van zijn leven in Vlaanderen gewoond. In zijn tijd zocht de toenmalige prins Leopold II figuren om de jonge staat België in het buitenland meer aanzien te geven. Die vond hij in beroemde kunstschilders, maar ook bij wetenschappers als Vesalius en Mercator.
Via zijn toedoen werd in 1861 de Koninklijke Oudheidkundige Kring van Het Land van Waas opgericht, die de opdracht kreeg om werken van Mercator te verzamelen. In totaal vergaarden ze 6.000 kaarten, waarvan veertig waardevolle atlassen uit de 16de tot 18de eeuw. De Kring kocht ook twee Mercatorglobes, die hier niet altijd in veilige omstandigheden hebben gestaan. Zo vertelden enkele oudere bezoekers me onlangs dat ze als kind nog aan die globes hebben gedraaid. Vandaag is die collectie onbetaalbaar, want die globes komen hoogstwaarschijnlijk uit de Koninklijke Spaanse Collectie.
Voor het museum hebben we die kaarten van de Oudheidkundige Kring als basis gebruikt. We zijn die gaan inventariseren, restaureren en bijverzamelen. Zo hebben we bij een veilinghuis in Brugge een satirische kaart uit 1939 gekocht die de Europese landen aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog weergeeft. Een ander item dat we extra verzameld hebben, is een Ferrarisatlas, met bijhorende koperplaat. Dat zijn pronkstukken die alle thema’s in het museum mooi verbinden. Vroeger hadden we een goed museum van 600 vierkante meter, nu is dat verdubbeld. We stellen ons geheel niet meer chronologisch, maar wel thematisch voor, waarbij beleving ten dienste staat van de cartografie.”
Een van de eyecatchers is de vitrine met 135 globes in alle maten en stijlen, van een art-decoaardbol met ingebouwde radio tot een tektonische globe. Hoe is die samengesteld? En is er een bepaalde globe die daar voor jou speciaal in het oog springt?
“Dat is inderdaad het sluitstuk van het museum. Willem Jan Neutelings, de architect van onder meer het MAS, heeft in coronatijd een 20ste-eeuwse collectie van 250 wereldbollen verzameld. Nadat hij daar een boek over had geschreven, hadden die globes geen nut meer. We hebben dan met hem onderhandeld om ze over te nemen. De bedoeling was om een verbluffende, visuele vitrine te maken van objecten die heel dicht bij de leefwereld van mensen staan. De allerleukste items staan achteraan, de gadgetglobes. Zo is de aansteker in globevorm geniaal. We willen graag nog iets gelijkaardigs in bruikleen aanschaffen: een wereldbol als sigarettendispenser, uit de zotte jaren 60.”
We leggen je graag een stelling voor die letterlijk op een pancarte in het museum staat: “Kaartenmakers moeten partij kiezen, waardoor grenslijnen van kaart tot kaart verschillen. Zijn ze dan toch niet zo dwingend?”
“De overwinnaar bepaalt steeds wat er op kaarten staat en wat de grenzen zijn. Van zodra je een lijn op een kaart zet, maak je een interpretatie. Zo hebben we in onze depots kaarten waar in potlood de grens tussen België en Nederland ingetekend is. In deze tijden van fake nieuws blijft de stelling heel relevant. Dat tonen we aan de hand van een multimediaal item, waarbij je Google Maps raadpleegt vanop twee locaties. Is het nu de Golf van Amerika of de Golf van Mexico? Hoe wordt de Krim begrensd? Hoe illustreer je het grensconflict tussen India en Pakistan? En dan is er nog de kwestie van de Westelijke Sahara. Dat zijn allemaal grenzen die door mensen gemaakt worden, pure interpretatie. Het mooiste voorbeeld daarvan blijft het Verdrag van Tordesillas, waar de paus op zijn eentje besliste hoe de wereld eruit zou zien.
Cartografie is altijd een momentopname en vereenvoudiging. En dat kan voor discussies zorgen, zelfs voor processen. We hebben hier kaarten over een conflict rond een waterloop. De ene kaartenmaker plotte een gracht op één plaats, terwijl een andere landmeter de waterloop elders tekende. De kaartwerkelijkheid kan zowel zus als zo zijn.”
Dat brengt ons bij een andere stelling, die de discussie rond interpretatie misschien kan beslechten. “Vandaag bundelen digitale routeplanners alles op één schema, terwijl papieren kaarten in de souvenirkast verdwijnen. Voorgoed?” Hebben fysieke kaarten enkel nog museale waarde of hebben ze ook nog een meerwaarde ten opzichte van digitale kaarten?
“Ze hebben beslist nog veel waarde. Mensen kopen nog steeds kaarten op papier om hun route en reis te plannen. Iedereen gebruikt nu Waze, maar zo’n klein schermpje biedt geen overzicht. Je ziet enkel waar je je bevindt, maar niet waar je vandaan komt of waar je heen gaat. Daarom is het nog altijd aangewezen om een wegenkaart te hebben in je handschoenenkastje. Bij mij ligt daar nog altijd een Michelinkaart van de Benelux. In het museum leggen we de link tussen oude en nieuwe routekaarten. Zo hebben we drie fraaie postroutekaarten, waarbij de tijdstippen en afstanden worden uitgestippeld tussen de bestemmingen van de 16de-eeuwse postkoetsdienst. Da’s niets anders dan het PostNL-verhaal van vandaag. Hoe kan ik mijn pakje of personen zo snel mogelijk van A naar B brengen? Dat werd en wordt letterlijk in kaart gebracht.”
Achter elke kaart schuilen vele verhalen. Wat vind je persoonlijk het meest boeiende of verrassende item van het museum?
“Mijn persoonlijke lieveling is een wereldkaart uit 1755 met een dubbele hemisfeer, waarbij de aarde voorgesteld wordt als twee cirkels, van de Fransman Jean-Baptiste Nolin. De Europese grootmachten zaten toen al overal, behalve de Fransen. De Spanjaarden, Portugezen, Britten en Hollanders hadden de wereld dan eigenlijk al onder elkaar verdeeld. Er was dus niet veel meer over. Op die wereldkaart, die heel bruin oogt door het gebruikte papier, staan ook de Franse ontdekkingsreizen in de Stille Oceaan. Je ziet Nieuw-Caledonië, Frans-Polynesië en de Markiezeneilanden, allemaal stukken land die de Fransen zich toen probeerden toe te eindigen.”
Even terug naar de naamgever van het museum. Gerard Mercator maakte onovertroffen kaarten, atlassen en globes én zijn wereldprojectie is nog steeds in zwang. Toch is hij tijdens zijn leven nooit buiten de Lage Landen geweest. Hoe checkte hij dan zijn bronnen?
“Mercator was een echte deskgeleerde. Hij heeft één keer een opmeting gedaan in Lotharingen, maar hij haalde zijn wijsheid louter uit zijn bibliotheek. Hij bezat 1.000 boeken. Niet enkel over cartografie, maar ook over astronomie en astrologie, die toen nog moeilijk van elkaar los te koppelen waren. Hij had ook een uitgebreid informanten- en zelfs spionnennetwerk in Europa, van in Engeland tot Rusland, en verkreeg veel informatie van handelaars die de kusten afvoeren.
Dat zorgde er bijvoorbeeld bij zijn kaart over Afrika voor dat de contouren en kusten redelijk correct afgebeeld waren, maar het binnenland er helemaal naast was. Maanbergen en de monding van de Nijl waren berust op fantasie. Ook zijn Noordpoolkaart was puur gebaseerd op ongeverifieerde verhalen uit de 13de eeuw, de reizen van Marco Polo en oudtestamentische verhalen. Wat hij deed was ‘colleren’, informatie uit diverse hoeken plakken en bundelen. Hoewel veel kaarten fantasierijk waren, legde hij zo wel een vroege basis voor de noordwest- en noordoostpassages richting het Verre Oosten, die nu zo gegeerd zijn. In dit museum proberen we zo altijd de link te leggen tussen heden en verleden.”
Denk je dat Mercator liever in zijn tijd had geleefd, waar hij als cartograaf een grondlegger was, maar wel nog bepaalde blinde vlekken moest tolereren, of in onze tijd, waar alles tot op de nanometer nauwkeurig in kaart is gebracht en er nog maar weinig te ontdekken valt?
“Mercator schiep er vooral plezier in om de laatste wetenschappelijk ontdekte gebieden in kaart te brengen. Zijn atlassen zijn daar het perfecte voorbeeld van. Als hij plots naar vandaag gekatapulteerd zou worden, zou hij vooral erg schrikken. Hij zou zich wellicht vervelen en werkloos zijn. Het enige dat nog onontgonnen is, zijn de zeebodem en grotten. Misschien zou hij daar heil in vinden?”
Mercator maakte ook hemelglobes en een onvoltooide kosmografie. Was zijn blik op het einde van zijn leven meer gericht op de sterren dan op de aarde?
“Mercator wilde koste wat kost een kosmografie maken. Hij wou de aarde, zee, hemel en alles ertussen in beeld brengen. Op die manier kon hij zowel tijd als ruimte onderzoeken. Daarnaast was Mercator zeker op latere leeftijd zeer sterk geïnteresseerd in de Bijbel. Hij maakte een tijdslijn van Adam en Eva tot het jaar 1570. Ik vraag me weleens af hoe het kan dat zo’n pure wetenschapper, van wie de kaartprojectie nu nog steeds gebruikt wordt, toch kon struikelen over onwaarheden en zich bezondigde aan pseudowetenschappen als creationisme en astrologie. Dat vinden wij heel raar en bijzonder.”
Mercator haalde inspiratie uit de Bijbel, maar was hij in zijn aardse cartografische werk wel volledig objectief? Of liet hij zich leiden door opdrachtheren of andere factoren?
“Mercator wou vooral niet tegen de schenen stampen van de toenmalige keizer Karel V, dus dat zorgde sowieso voor politiek gekleurde kaarten. Dat uit zich in zijn kaart van Vlaanderen van 1540, waarvan wij een replica in bezit hebben. Enkele jaren eerder had een concullega van Mercator Gent als centrum van de wereld voorgesteld. Mercator bracht als antwoord een cartografisch zoenoffer aan de keizer, waar het Habsburgse Vlaanderen wel correct, zij het niet centraal, wordt voorgesteld. Zijn bekende aardglobe is een ander heel mooi voorbeeld, want ook die was vervaardigd in opdracht van Karel V. Die globe was zowel een wetenschappelijk als een machtsinstrument, om veroveringen uit te stippelen. Die nauwe band met de keizer heeft trouwens Mercators hachje gered, want na een gevangenschap op beschuldiging van lutheranisme, werd hij in tegenstelling tot vele anderen wel vrijgelaten.”
Nog een persoonlijke vraag als uitsmijter: ben je zelf een fervent reiziger of eerder een bureauconservator? En neem je nog fysieke kaarten mee op reis?
“Als we gaan fietsen in Friesland, raadpleeg ik toch nog altijd eens de Michelinkaart in de auto. Ik reis ook jaarlijks naar Zuid-Afrika, om familie te bezoeken. Daar rijd ik niet zelf, waardoor ik als passagier meer tijd heb om rond te kijken. Het leukste daaraan is dat ik de plaatsnamen onderweg kan volgen. De Afrikaners en Boeren hebben heel wat op hun kerfstok, want de zwarte bevolking draagt daar nog altijd de gevolgen van, maar hun taal en plaatsnamen zijn geweldig: Kopjeskraal, Schoemansdrift, Modderdam,… Ik ben een echte ‘plakkaatjestrekker’ met mijn smartphone. Ook dat is cartografie.
In Johannesburg vind je trouwens het beste museum ter wereld, het Apartheid Museum. Bij binnenkomst krijg je een willekeurig toegangskaartje waarop staat of je ‘wit’ of ‘zwart’ bent. De bezoekers met een wit kaartje mogen gewoon doorlopen, terwijl de bezoekers met een zwart kaartje eerst bekeken en gekeurd worden door een commissie. Dat arbitraire is heel relevant, daar krijg je het koud van.”
Het MAP-Mercatormuseum bevindt zich op een kilometer van het station van Sint-Niklaas. Het is dagelijks open van 10 tot 17 uur, behalve op maandag. Met je ticket voor het Mercatormuseum krijg je ook toegang tot het belendende breimuseum en het Curiosum, waar je naast een snorrenkopje en pantoffels van de paus nog meer zeldzame kaarten vindt. Op https://mapsint-niklaas.be/ vind je meer (ticket)info.

